 |
Componistenportret: Sergej Rachmaninoff
Rachmaninoff wordt door velen gezien als de grote muzikale erfgenaam van Tsjaikovsky. Uiterlijk was hij een vriendelijke gentleman, droeg altijd hetzelfde pak en rookte dezelfde Sano-sigaren. Hij was sportief en hield vanroeien en tennis. Hij hield van machines, wasgek op autorijden en op een ontspannendspelletje poker. Maar innerlijk droeg hij eendiepe heimwee met zich mee. Zijn gedwongenvlucht in 1917 voor de Bolsjewieken die zijn landgoed leegplunderden en plat brandden was een litteken dat Rachmaninoff zijn gehele leven met zich meedroeg. Met zijn toch al depressieve natuur, werd hij vanaf zijn 45e jaar gedwongen een nieuw levenop te bouwen in Europa en de VerenigdeStaten. Op zijn nieuwe landgoed in Zwitserland, creëerde hij vanaf 1930 zijn eigen Russische sfeer. Er werd Russisch gesprokenen Russisch gekookt door Russische bedienden. Elk concert werd hij op een wrange manier geconfronteerd met zijn verleden: als toegift schreeuwde de zaal altijd om ‘it’, zijn populairste werk, de prelude in cis klein uit 1982. Het werd een blok aan zijn been, onuitstaanbaar, omdat hij de Russische rechten ervan had verkocht en er in het Westen nietsmeer aan verdiende. Rachmaninoff heeft een uitgebreid oeuvre nagelaten, dat doortrokken is van de gloed van heimwee en verlangen. Prachtige werken met rijke harmonieën enlange meeslepende melodieën. In deze cursus uitgebreide aandacht voor de symfonieen, symfonische gedichten, koorwerken, pianoconcerten, opera’s en de kamermuziek van Sergej Rachmaninoff.
|
|